Verkes

Genoten heb ik van het schaatsen, zeker. Ik ben echt blij voor Sven en Paulien. Maar achter de tv zat ik mezelf op te vreten over een ander beeld dat steeds in mijn zicht sprong. Die twee enorme hokken die in de zon hun gal over de buurtschap uit liggen te spugen.
Zonde.
huh, ik snap het niet?
Die kooien staan er nog maar net. Uitzicht naar de knoppen.
Terwijl de grond eigenlijk al was verkocht aan andere boeren, die het land gewoon wilden bewerken.
En dat vind ik ronduit kut.
Trouwens ook nóg meer bioindustrievarkens :( Dat is toch ook zielig.
Eet biologisch vlees, mensen.
Dit is niet pluis.
Als dat biologische vlees nou eens niet zo duur was…
dat is inderdaad stom.
Inderdaad, biologisch vlees is duur…
Eigenlijk zou de overheid belasting/accijns moeten heffen op bioindustrievlees en biologische consumenten daarmee tegemoet komen!
Maar daar zal de overheid wel geen zin in hebben, zoals de gemeente geen zin heeft om in te grijpen :S
Ik heb een vermoeden dat dat bij de VVD vandaan komt en niet de SP. Geldwolven.
Op school worden ze er gek van als ik het over de SP heb, al doe ik dat alleen bij geschiedenis als we toevallig een hoofdstuk over politiek hebben.
En al helemaal als ik dan ook nog een SP-krantje meebreng dat ik op het station heb gekregen.
Waarom doen ze dat nou weer :S Ook van die VVD’ers? Of zijn ze gewoon te veel kind om het over politiek te hebben :P
SP-krantje, welk SP-krantje? Laat zien!
(Wil je die link verwijderen, die reactie van ene sveta? Want het doet me denken aan het onderzoek van laatst en videoclips. Ik word er erg feministisch van. Niet dat daar iets op tegen is, maar sommige mensen worden dan niet meer blij van mij.)
Hoera hoera.
Snap je?
Haha okee, vooruit dan maar ;) Ik word alleen wel nieuwsgierig waarom je daar zo feministisch van wordt?
Haha, super. :) Merci bokoep. Eh, sorry. :D
Soms lijkt het wel alsof mannen vrouwen enkel zien als een object met een gat waarin ze hun piemel kunnen steken.
Ja, ik weet niet van het onderzoek of van de videoclips, niet precies – maar ik weet wel van Beperkt houdbaar en al dat. Ik houd eigenlijk alleen van Dove-reclames, die zijn zo lief. Bijzonder eigenlijk, dat er nog lieve reclames bestaan.
Hahaha, in wat voor bui ben jij nou zeg :P
Bokoep, ik krijg zin in kroepoek.
Ja, zo zien mannen vrouwen ook. Ik word er soms niet goed van, zo gefascineerd als ze me wel eens bespieden.
Zelf als ze achter het stuur van hun auto zitten hebben ze tijd om hun nek zo’n 180 graden te draaien om me nog even goed te kunnen bekijken… Zucht.
Ik snap maar één ding aan mannen: waarom ze van treinen houden. ;)
Iemand was mij net voor.
Ja, je hoort het goed: iemand. :)
Ik vind Dove-reclames ook mooi. En ik weet eigenlijk ook niets van het onderzoek of de videoclips. :$
Oh.
Misschien kijk wel te veel naar het nieuws. Dat komt waarschijnlijk omdat iemand altijd twee keer het nieuws wil zien en dan ook nog lezen.
Soms wil ik er niets van weten, maar omdat er toevallig ook wel eens iets op de deurmat valt dat gaat over ontwikkelingssamenwerking – help, ik associ-e met dubbele puntjes-er veel te veel – is het nieuws. Ik bedoel: ik associ-e met dubbele puntjes-er zo veel dat er niets meer van te volgen valt. En ik volg mezelf ook niet meer.
Vanochtend waren er mannen en een vrouw en die man had bloed aan zijn handen en daarna de vrouw ook en ze moesten lachen, maar de koning was vermoord. En daarna snapte ik niet dat ze de moordenaar niet vonden. Wat waren die middeleeuwenaars toch ook middeleeuws. Toen was er ook een poortwachter. Ik geloof dat hij niet helemaal goed was, maar er werd aangeklopt en iedereen keek raar, en nadat er tien keer gelopt was,vroeg hij wie er was – ik kon niet verstaan wie – en hij liet ze binnen; paarden en mannen.
Daarna was er sneeuw en een bel. De hel niet. Die komt later. En bovendien zijn dat de anderen. Daarvoor was er nog Macbeth en de romantische periode en een leraar die over Voltaire praatte alsof hij zijn beste vriend was. Hij, het.
Gisteren was er die spiegel en een schaar. En ik weet wel dat ik ooit iets schreef over de straat, maar nu was die er niet, want het raam was dicht. Ik geloof dat jouw groene achtergrond me inspireert. Ik heb geen groene achtergrond, kan ik wel maken, maar alles wat ik zelf maak komt van iets anders.
Er was dat meisje dat Italiaans praatte en ik sprak Frans terug en we begrepen elkaar. Maar Italiaans is altijd leuker natuurlijk, omdat ik het niet kan. Of Sloveens. Pindakaas ben ik vergeten. Ik heb alleen dat stukje grenspaal in mijn kast liggen. Het ligt er te verstoffen. Ik snap niets van licht. Als ik licht was, ging ik niet door ruiten heen. Daarom begrijp ik de avond niet, want eigenlijk is de avond ook licht, maar hij gaat nooit door ruiten heen. Alleen door bijvoorbeeld de schuurdeurruit.
Oh ja, maar ik moest schrijven over groen en groen en groen. GROEN. Ik dacht aan gras, maar daar denkt iedereen aan en zelfs dat hengelaasgeval denkt eraan. Je snapt me wel, he.
Er was haar en een schaar en een spiegel. Je eigen haar knippen, dat leek me wel een beetje expressionistisch, maar misschien was ik dat op dat moment. In dem Moment. Der Zug hat verspaetung. De krant ook, als je niet oppast, dan steel ik een pakje sigaretten en ga ik roken. Ik ga roken, als een stoommocolotief. Ik weet wel dat die niet meer bestaan, maar toen ik klein was, toen.
Ik ga me niet excuseren uiteraard, maar nog even door. Lekker fouten maken. Net zoals toen met scheikunde, waarvan ik dacht dat het goed ging, ging slecht. Zeggen anderen. Ze zijn vast te vertrouwen, ik vertrouw dat onderzoek ook. Oh jee en nu dat profielwerkstuk over een soa, had ik maar een soa, dan mocht de huisarts. En niet voor niets zei iemand dat ik een vies meisje ben. Wie weet gaat dit ook wel niet over mij, maar over iemand anders, maar ik zou niet weten wie.
Ik weet wel wie zich in de theepot bevindt. Het is een menselijk lichaam, dat misschien wel een spiegelbeeld is. Maar mijn etui lijkt op een slaapzak. Rare vogels. Straks gaan we nog vleren of moet ik dracula beschrijven met mijn tanden. Hoe doe je zoiets. Toen ik klein was, deed ik het. Ik beet een klein meisje en ik dacht: ik ben rijp, als een rimpelmannetje, voor het gekkenhuis. En dan moet ik denken aan films en bloed. En laatst. En er zijn twijfels en te veel opsommingstekens. Het lijkt wel of mijn salaris binnen is. En haha, het gaat over mij. Bach is een man en ik ben zijn vrouw niet. Wil ik ook niet zijn. Misschien zijn alle pianisten Pinksteren. Er zit iemand in de box. Het is geen baby. Beneden is het eten klaar, maar ik wil
niet eten van mama, want ze zat daarvoor in haar neus. Ik wil soms ook wel in mijn neus zitten, als het voorjaar is bijvoorbeeld. Hooikoortshoogtijdagen. Nu al. Maar morgen moet ik weg en dan blijf ik slapen bij mannen en mannen bij mij en straks word ik echt gek.
Oh en daarnet waren het de paella-vrouwen in Valencia en waaaaarom staat er nou Zomer in Zweden op. Wie verzint zoiets. Moed groeit niet in tenen of schoenen. En de middag past zich altijd overal aan. Soms is de middag ovaal.
Er zijn klokhuizen en de tijd tikt en ik las dat er geen uren meer zijn als het gewicht nooit gehesen wordt. En waarom hoor ik altijd golven of heuvels in gebroken akkoorden. En vroeger, toen verzonnen we verhaaltjes over willemienman. Vroeger ploegde ik mijn zusje en ik slaapte ’s nachts, zoals vleermuizen, niet. Alles wordt gewoon of zo lijkt het. Je mag dit ook verwijderen als je wil. Ik lijkt wel het blikje dat de blikvanger gemist heeft.
Sorry hoor. Ik draai door. Ik lijkt wel een grammofoonplaat waar geen einde aan komt. Straks ga ik nog verhalen schrijven. Skryven. Over oker of over het meisje dat zo houdt van het geluid van typmachines. En tikfouten.
(Zijn dit lentekriebels of zo?)
Zie je, ik heb dringend een psycholoog nodig. Een psychopaat, liever nog. Als er maar psycho- voor staat. Dan is het goed, beter, best.
Er zijn veel soorten sneeuwklokjes en net dacht ik. Waarom verzon men zulke lelijke plaatsnamen als Nederlands zo’n mooi taal is. Melik, Oegstgeest, Ter Apel. Apel lijkt op appel, maar nog meer op Ampel en Ampel lijkt weer op Amper. Of amper. En de Amper heeft gezorgd voor de AEZ. Oh, dat is allemaal van vroeger. Iets beschrijven lukt niet. Nu ben ik mijn flora kwijt. Daar. Hebbes.
Willekeurige bladzijde. Zilte waterranonkel. Dat is wel een plant. Eureka, dacht ik. Enigma, Europa. Hoera. Het is ook allemaal hetzelfde… tsss… kweekdravik, langbaardgras, eristalis, dodaars, nehalennia speciosa, ik raak totaal de weg kwijt. Witbol, ja, witbol. Dat zijn zomerfoto’s, mensen, straks wordt het zomer en dan kunnen we rokjes aan en blote voeten. Straatliefdegras. Dat gras bloeit nooit. Hondstarwegras, duist, zinkschapengras, zinkboerenkers, zinviooltje, guichelheil, pastinaak, jaaaaa. Straks wordt het zomer en dan gaan we de flora auswendig lernen. Er is iets niet helemaal goed. Waarschijn.
karwijvarkenskervel. Brandnetelthee. Wie gaat mee drinken? Tot we omvallen. Ik moest vandaag wel vaak naar de wc en toen klopte er iemand en ik riep plee okupee. En diegene snapte er natuurlijk niets van, maar toen kwam er taart. En ik dacht: lekker. Dat lucht op.
Mijn beste vriend is de kat van een paar huizen verderop. Ik ga er een boek over schrijven. Maar eerst moet ik nog iets lezen over een oud volk, van een paar jaar geleden. Hoe heetten ze. De Grieken. Die zijn er nu ook nog, maar ze zijn niet meer zo oud als toen. Odyssee. Is dat ook van een Griek? Straks word ik een vijvervrouw of iemand die Kalypso heet. Misschien was dat wel een man. De tijd zal het weten. Men zegt ook wel: er zit poep onder je schoen, dat ruik ik. Ik ruik wanhoop in jullie ogen.
Men zal wel denken: die spoort niet helemaal: ze trekt haren uit haar hoofd. Nee, je bent niet de enige, dat zal een troost voor je wezen. Ik denk: ja, zeker. Ze weten niet dat er genen zijn en dat je soms iets van je moeder krijgt of van je vader. En daar ben ik juist zo bang voor. Ik wil niet zo worden. En dan komen Sartre en Camus. Ik geef mezelf de schuld en denk: daar komt de winter weer. Ze leveren elk jaar dat gevecht en het gaat niet om olie of Koeweit.
Is er een formule voor dit alles?
Laatst hoorde ik ook van een chaos in de zee. Alles chaos. Schaamhaar. Die link was erg, maar dit. Maar ik bedoel het goed. Ik bedoel alles goed, ook als ik kleine meisjes bijt. Of als ik spelvouten maak. Daar moet je dan om lachen, net zoals ik ook lach als ik gekke mensen hun vinger opsteken en vragen of ze misschien naar de weezee mogen. Met een hele zachte ‘g’.
Als het oplucht, mag je nog best even doorgaan. Ik vind het wel leuk om te lezen, eigenlijk. :)
Als je het maar niet langer maakt dan mijn maandelijkse bandbreedte toestaat, of zoiets.
Ik wilde dat ik soms zoiets kon schrijven.
Misschien durf ik gewoon niet te zeggen wat me dwarszit, of wat er gewoon even uit moet. Niet rechtstreeks.
Dat ik niet zomaar durf te roepen dat ik me eraan erger dat er jongens zijn die mij leuk vinden met te lang haar en die oorlog willen voeren of metal luisteren of gewoon arrogant zijn.
Ik word er een beetje boos van, en beledigd.
Bovendien wil ik helemaal niet verliefd en ook geen verkering, ik wil gewoon rust aan mijn gat. Ik kan geen verkering. Dat is te moeilijk voor mij, ik snap dat niet en ik kan toch niet zijn zoals iemand zou willen en op het goede moment de juiste dingen doen.
Ik kan alleen maar broem roepen, of ploep. Als er maar een oe in zit. Maar een p mag ook.
Daarvan worden jongens boos en dan willen ze weer weg.
En in mijn ooghoek meent een vader te moeten schranzen uit een pan. Ja, schranzen.
Laten we samen niet spoorten en een beetje boos.
Ja dat is heerlijk. Ik ben helaas tot rust gekomen nu. Ach, alles heeft … Johan C. En bij Johan N. heeft mijn vader in de klas gezeten. En vaders…
Ja.
En jongens die wel leuk zijn trouwens, die verdwijnen altijd. Worden lucht. Zijn van de ene op de andere dag weg.
En dan duiken die langharige gevallen weer op, die serieus denken dat dat nog iets kan worden ook. Het is niet om ze te beledigen maar ik zou ze een hoepel willen geven om lekker op te hoepelen.
Ik ben altijd bang dat ze dit dan lezen en verdrietig worden, maar dan doen ze dat maar. Ik ben ook wel eens verdrietig. Bovendien: je kunt maar beter meteen weten, het heeft geen zin.
Ze lezen het toch niet.
Waarom lucht dit eigenlijk op? Als het teveel oplucht, kan ik dan ook als lucht verdwijnen, net als leuke jongens, zodat die andere jongens mij kwijtraken en vergeten?
Er is toch niemand die weet waarom dat niet kan.
“Dat ik niet zomaar durf te roepen dat ik me eraan erger dat er jongens zijn die mij leuk vinden met te lang haar en die oorlog willen voeren of metal luisteren of gewoon arrogant zijn.”
Ik vind dat “jongens die oorlog willen voeren” en dat “jongens die gewoon arrogant zijn” goede gegronde redenen. Maar wat muziekstijl of uiterlijk met verliefd zijn te maken heeft kan ik niet begrijpen.
Misschien heb ik iets gemist of verkeerd begrepen, maar dit is racisme tot ik een duidelijke uitleg heb ;)
Dat is geen racisme, dat zijn redenen op zijn kort gezegd, omdat Ingeborg mij heeft aangestoken en ik neit spoort vandaag.
Het gaat om dingen, die aangeven wat voor type mensen zijn en die zijn alsmaar niet mijn type. Niemand weet waarom.
Blijkbaar zie ik eruit alsof ik houd van oorlog en metal.
(8) PEAAACCEEE (8) En dan gewoon op een piano. Geen gitaar en geen drums, ploink, snaren breken niet zomaar.
En ohja, neem het allemaal niet te letterlijk, vooral niet te letterlijk. Deze blog is niet voor het letterlijk. Meestal niet.
Het gaat om het idee. Het idee dat ik graag schrijf en soms ook wel eens dingen schrijf die misschien niet even aardig zijn, maar ik ben ook maar een mens. Máár een mens, één mens, met één gemoedstoestand die ook wel eens lekker gemeen wil zijn, per ongeluk :$
Niet dat het gemeen bedoeld was. Begrijp me.
Om snaren te breken heb je niet perse een gitaar nodig :$
Inderdaad, een piano kan ook, bijvoorbeeld, zoals ik zei.
“Daarvan worden jongens boos en dan willen ze weer weg.” vind ik een mooie zin en alle lange verhalen daarboven, van iedereen, ook. Heel mooi.
Er zijn er ook met lange haren en die zijn zo kwaad nog niet. Wil je een foto zien? Ik heb geen foto.
Ik heb wel cashew noten. 300 gram. In mijn buik, ik denk dat er dadelijk een boom uit mij groeit, ik hoop het, dan komt er tenminste nog iets uit mij, dan plukt tenminste iemand nog de vruchten. Maar nu: soms word ik boos op niemand en dan wil ik weer graag weg.
Zeker. Er is ook niks mis met lang haar, en ik wil ook niet zeggen dat ze niet aardig zijn. Maar het is het soort lang haar dat niet bij mij gaat passen punt
Mooi gezegd, die vruchten. Ik wil ze wel plukken. Ook als er toch geen boom groeit, trouwens.
p.s. Waarom ben ik niet in staat zo te schrijven dat, zoals bij Ingeborg, iedereen het maar met een korreltje zout neemt en niet om uitleg gaat vragen?
Er ligt hier een schaar en ik verklap niet waar ik hem in wil zetten.
Maar waarschijnlijk is niet wat je nu denkt, of daarom juist weer nét wel.
Ik weet wel wat ik denk maar niet wat je wilt. Ik hoop dat ik verkeerde dingen denk.
P.S. Ik nam het ook met een korreltje zout hoor, die lange haren. Maar ik kon niet anders dan ook iets positiefs opmerken. :)
Haha :)
Ja, je hebt gelijk. Weet je, ik heb zelf ook lang haar. ;)
Ik ook (als je eraan trekt).
:D Krullen.
Ja, die heb ik zelf natuurlijk ook. Sommige mensen met krullen willen steil haar. Of andersom.
De meeste mensen eigenlijk. Ik denk dat ik stieken mijn krullen wél mooi vind. :)
Dat zijn ze ook, dus je vindt de waarheid. :)
Er is iemand die spaghetti eet. En iemand die zingt dat hij alles in het vet gooit. Er is iemand die geen broeken meer past. Er is iemand die liever klein wil zijn. Er is iemand die van smurfen houdt. Er is iemand niets kado krijgt. Er is iemand die niet kan lezen.
Iemand leest: slaapkamergeluk, zwaluwtong, hondsdraf, ooievaarsbek. ogentroost, beenbreek, bitterzoet, (en nu inderdaad in alfabetische volgorde) bosvogeltje, dreps, drie-urenbloem, droogbloeier, dubbelloof, duist, egelantier, epimedium, evene, europese hanenpoot, fakkelgras, fenegriek, venushaar, fijnstraal, geitenbaard, geelwitte ossentong, gele kers, vrouwenmantel, berenklauw, gifsla, gingellikruid, goudenregen, goudveil, guichelheil, harlekijn, hazenstaart, heen, hengel, hennepvreter, herfstbitterling, hoenderbeet, raket, hop, inkarnaatklaver, iva, judaspenning, juniperus, kale jonker.
Het eten is klaar.
Later word ik ook plantennamenverzinner. Verzinster.
Dat zijn er veel. Niet veel die ik ken. Minder nog waarvan ik weet hoe ze eruit zien.
Alleen de berenklauw eigenlijk. Maar die dan ook wel goed. Vooral de reuzenberenklauw. Daar heb ik al zoveel boogjes omheen moeten lopen :)
Er belden altijd bloemisten. Ze kwamen de gedroogde stengels halen.
Sadisten.
Geitenbaard groeide ook in Slovenie!! Die heb je vast gezien. En een soort (of zelfs meerder) ooievaarsbek groeit en bloeit (:S) bij de Refter. En Goudenregen zie je bij veel mensen tegen de muur. Hengel is een geel bloempje dat mijn moeder onkruid noemt. En weet je wat ik het leukste bloempje aller tijden vind? Muurleeuwenbekje. Dat is zo schattig.
Ai… ik klets een beetje uit mijn nek.
Haha, welnee ;)
Het is dat ik niet alles kan onthouden, maar anders was ik het vast en zeker met je eens geweest.
Wat heb ik toch de neiging in een metrum te gaan schrijven,
nu ik zojuist een gedicht heb geplaatst. :P
Een metrum. Dat doet me denken aan Grieks, hoera, vrijdag open avond :)
He ja, niet komen luisteren, alsjeblieft. Wacht maar tot de cult. avond.
Waarnaar luisteren? :)
Inderdaad, waarnaar luisteren? Lijkt me wel leuk eigenlijk, de open avond. Maar misschien ga ik juist zelf geluid produceren in Nijmegen :)
Maar ik moet dan soort van oefenen voor de culturele avond. En anders horen jullie al wat ik ga spelen. :S
Oké, ik zal niet komen luisteren :) Ik moet toch de halve tijd bij Grieks zijn.
Haha :P Ik weet niet of ik kom. Maar dan zorg ik wel dat ik niet hoor wat je doet ;)
De open avond was in ieder geval wel leuk :) Jammer dat ik niet meer in B ben geweest.