Vloek
Ik wil iets schrijven. Ik moet iets schrijven. Wat zal ik schrijven?
Een citaat dan maar, vers vanuit mijn kwt Engels. Tja, vraag niet wat ik wél aan Engels heb gedaan dat uur.
Overigens niet in de originele kleur; wat zou dat vloeken tussen al dit groen. Help. Ik vloek tussen groen. Ik kleur niet in mijn leefomgeving. Ach ja, wat zou het: zelf zie ik het niet.
“Ik schrijf graag met rood. Waarom? Ik houd van schrijven en van rood. Ook van zwart, maar rood bewaar ik voor de ernstigste momenten. Het blijft de kleur van bloed, al is deze inkt toch wat licht.
Ik kan alles behalve één: ik kan het leven niet aan. Eigenlijk kan ik dus gewoon niets. Het is te zwaar, te moeilijk en de angst zit te diep. Vooral de angst maakt mij kleiner dan een mensenleven. Zwak, nietig.”
“Geef mij een klok, ik zal hem verzetten:
uren, dagen, jaren.
Waarom mag het niet helpen? Altijd sta ik toe, behalve nu – het begin van een Drama.”
Oh, en toch ben ik vrolijk. Nu. Even. Of misschien iets langer.