Ja, daar zit je dan, en bedenk nu maar eens iets om te schrijven! Jullie verwachten misschien een natuurwetenschappelijk verhaal, maar dan heb je het mis. Ten eerste ben ik veel te veel eerstejaars om hier iets van belang op te kunnen schrijven. Ten tweede ben ik veel te veel Esra, te alfa, te superbèta?
Tja. Superbèta draagt ook niet de meest logische definitie bij zich, maar ík heb het niet bedacht. De bèta die ook alfa is: het gaat wel over mij. We gaan het hebben over onze taal, jawel, het Nederlands.
Het zal de meesten van jullie inmiddels wel opgevallen zijn dat ik me er aan erger als er fouten worden gemaakt in het Nederlands, dat geldt met name voor spelfouten. Maar ondertussen erger ik mij ook aan de spelling zelf. Hoe vaak is deze in de afgelopen jaren veranderd? Het is niet meer bij te houden. Geen wonder dat mensen in de war raken! Geen wonder ook, dat de nieuwste spelling van dit moment door half Nederland geboycot wordt.
Ikzelf doe daar graag aan mee. Want waar zijn al die veranderingen voor nodig? Volgens mij begrijpt men elkaar in Nederland goed genoeg. Volgens mij begrijpen we elkaar zelfs beter, als we ons er niet druk over hoeven te maken dat we bijvoorbeeld namen van volkeren in principe alleen met een hoofdletter schrijven als deze zijn afgeleid van een aardrijkskundige naam. Behalve eskimo’s, omdat deze worden gezien als één specifiek volk, de Inuït, zoals indiaan met een kleine letter wordt geschreven, omdat het een overkoepelende term is voor meerdere volkeren. Maar volgens de oude spelling dan weer niet, omdat eskimo een scheldnaam is voor de Inuït. Jullie begrijpen waarom ik het bij een kleine letter houd.
Dieptepunt van veranderingen is natuurlijk de invoering van het leesteken voor ironie. Totaal nergens goed voor. Sterker nog: waar blijft ironie als we zelf niet meer mogen bepalen dat iets ironisch bedoeld is? Het spijt me, maar je moet wel érg weinig inspiratie hebben als je zoiets gaat bedenken.
De logica in het Nederlands is steeds verder te zoeken. Dat is niet de bedoeling. Een klein beetje snappen we natuurlijk wel dat de stakkers die het steeds veranderen alleen maar hun best doen en niet beter weten, maar dit kan zo niet doorgaan. Je hoort dan ook vaak genoeg: er zouden eens bèta’s aan die spelling gezet moeten worden, dan wordt het allemaal wat logischer. Daar zit wat in. Maar wij bèta’s hebben wel wat beters te doen. Bovendien begrijpen we natuurlijk dat het pas echt logisch is om de spelling met rust te laten. Dan weet iedereen waar hij aan toe is!
Dus stel ik voor om de Neerlandici die zo hun best doen van enig nut te zijn door weer eens aan onze spelling te zitten, volledig te negeren. Als wij als natuurwetenschappers voor logica willen staan, dan doen we dat goed!
Genoten heb ik van het schaatsen, zeker. Ik ben echt blij voor Sven en Paulien. Maar achter de tv zat ik mezelf op te vreten over een ander beeld dat steeds in mijn zicht sprong. Die twee enorme hokken die in de zon hun gal over de buurtschap uit liggen te spugen.
Nieuw op deze weblog is een stelling de schemering. Misschien vind je dat het voor zich spreekt of gewoon te onbenullig om er ook maar een woord aan te spenderen. Maar misschien ook, wil je er iets over kwijt.
Daarom nog steeds de mogelijkheid te discussiëren over alle schemeringen die er komen. En natuurlijk ook nog de oude uitslagen op een rijtje.
Opeens wist ik het zeker: ik hoorde in de hel. Mits er zoiets als een onderscheid tussen hel en hemel bestond, moest ik mijn leven bezingen en beklagen in het oneindig vuur.
Wat moest ik immers in de hemel, tussen schijnheiligen en door gebeden vergevenen, temidden van de zonde die zijn oorsprong nooit zou kennen en waaraan zo ook een einde niet zou komen?
Liever koos ik, mijn zonden boete te doen, elke, één voor één, hoe klein ook, met de mooiste straf: zien zou ik ze, begrijpen, en voorgoed zou ik ze in het verleden leggen. Ik weigerde zo laf te zijn me mijn fouten kwijtgescholden te zien worden.
Elke straf deed onder voor het besef en de snijdende spijt, maar het gebed bovenal. Een woord tot god bleek geen bron voor inzicht en schuldgevoelens. Sterker nog: het maakte elke zonde tot een gemakkelijke prooi.
Daar gaf ik niet aan toe. Als het leven een vervolg kende, wilde ik beter worden, van mijn fouten leren.
Ik hoorde in de hel. En mocht hij niet bestaan, dan zou ik hem creëren.
Nederlanders en alle andere gebruikers van de Nederlandse taal: het is feest! We hebben een nieuw leesteken! Het wordt gebruikt om ironie aan te geven, want een dergelijk teken hadden we hard nodig! Nee, in plaats van het uitroepteken dat ik hier gebruik, bedoel ik uiteraard ons nieuwe bliksemflitsje. Dat zal iedereen het met me eens zijn. Of misschien toch niet? De dubbelzinnigheid die er op dit moment vanuit gaat wens ik in ieder geval niet meer tegen te komen: waarom moet alles toch weer nodeloos ingewikkeld? Het begint al, zonder dat ik het ding überhaupt heb gebruikt.
De stakkers, die menen dat een leesteken als dit van enige betekenis is in de Nederlandse taal. Waarom is ironie ironisch? Omdat we het graag tussen de woorden verstoppen. Omdat we, zonder daadwerkelijk te willen laten zien dat er iets aan de hand is, de lezer even willen laten nadenken over het geval. Omdat we dus de kunst van het weglaten kennen, en dáár zit het geheim achter onze ironie. Een leesteken hebben we daarvoor niet nodig, sterker nog: waar blijft de ironie als we zelf niet mogen bedenken of iets ironisch bedoeld is of niet?
Een leesteken voor ironie. Een doodnormale punt erachter en jawel hoor: de ironie spat er als vanzelf al vanaf. Dat zal niet beter zijn als we er zo’n prachtig gekronkeld uitroeptekentje achter zetten. Slechter zelfs. Maar wat – niet voor ons natuurlijk, maar voor degenen die dachten eindelijk eens enige rol in de samenleving te kunnen hebben – nóg erger is, is het feit dat we de bedenker moeilijk nog serieus kunnen nemen. Degene die op het idee komt een leesteken voor ironie in te voeren, roept immers over zichzelf uit dat we hem met enigszins ironische blik aan zullen kijken. En die ironie die van de trotse aankondiging van het leesteken uitgaat, belooft ook niet veel goeds. Misschien had men eerder moeten bedenken, dat veranderingen aan onze taal altijd al de nodige ironie met zich meebrengen, omdat we inmiddels wel weten dat ze nergens goed voor zijn. Laat staan, wanneer geprobeerd wordt de ironie zélf onder handen te nemen met deze ontwikkelingen. Een lachertje is het daarom geworden, en de bedenkers daarbij. Het feit dat ze het hadden kunnen en moeten voorzien, maakt het alleen maar erger. En we zijn hiermee nog niet klaar, want ons tekentje is ook nog eens geïntroduceerd ter gelegenheid van het thema van de boekenweek 2007: Lof der zotheid. Dat is nu wat je noemt: lovenswaardig!
Toch zal ik de bedenkers moeten nageven dat ze in één ding geslaagd zijn: jezelf écht belachelijk maken is heus zo simpel nog niet.
Erg veel met het platteland heeft het niet te maken, maar belangrijk is het wel. Zelf baal ik als een stekker dat ik niet mee mocht stemmen. Maar als ik de uitslag bekijk zal ik toch niet lang hoeven wachten; het lijkt onmogelijk een coalitie te vormen die het vier jaar vol gaat houden ;)
Ik ben erg blij met de winst van de SP. Helaas is het met de PvdA wat minder afgelopen, en ik had echt gehoopt dat ze de grootste partij zouden worden. Dat we een linkse regering zouden krijgen, want dat is volgens mij echt wat Nederland nodig heeft! Maar helaas, zoals ik al vreesde zat dat er niet in… :(
Nou ja. Laten we optimistisch blijven en hopen op een coalitie die tenminste niet helemáál rechts is. En laten we zeggen dat we over een jaar weer verkiezingen hebben, mag ik meestemmen :D
En om het verhaal dan toch nog wat richting platteland te sturen: jammer dat Groenlinks niet is gegroeid, dat lijkt me echt nodig om Nederland qua landschap zo mooi te houden als het is… Als het aan rechts ligt gebeurt dat niet. Komen er bijvoorbeeld dubbeldeks snelwegen. Waarop Halsema als volgt reageerde: ‘Dat is ook wel nodig, want straks stroomt het water er zo onderdoor.’ Niet te hopen dat dát onze toekomst is :O
Een briefje in de bus: een demonstratie tegen de windturbines die de gemeente langs de A73 wil bouwen.
Dat tegenstanders van deze windmolens te beroerd zijn om, ook al is het in het belang van hun nageslacht, tegen een paar van die paaltjes aan te kijken is nog tot daar aan toe. Maar dat ze anderen van hun gelijk proberen te overtuigen door van welgeteld 5 tegenargumenten(tjes) 21 punten te maken, en alle argumenten vóór op één schamele na weg te laten, vind ik toch wel zielig. Iedereen heeft toch zeker het recht om zijn mening te vormen naar aanleiding van de waarheid? :S
Alleen maar wat verhaaltjes en muziekteksten is voor bezoekers van mijn blog natuurlijk wel erg saai :P Daarom wil ik jullie er ook bij betrekken, door de volgende vraag: