Het diepe zit heerlijk. Het diepe is niet altijd donker. De lucht is blauw, hoe hard het ook zou regenen.
Ik leef en alsmaar meer.
Het was niet voor niets dat een glimlach verscheen – op weg naar het begin van de introductie – als de maan over heel het gezicht en blinkend. Onontkoombaar: de nacht was helder.
Nu kleurt de ochtend mijn uitzicht alsof hij nooit voorbij zal zijn. Het gras is groen en de zon lekker weg. Geen cliché. En niet verbranden.
Het is kermis, maar geen mens, dat er naartoe wil. De zon schijnt, maar de wereld ligt nog in bed en ik verveel me en wacht op een – op zijn minst vreemd georganiseerde – introductieweek en op reactie op een poll.
Tussenstand:
Vóór: 100%
Tegen: 0%
1 stem.
Wat een enthousiasme, mensen.
Welja. Laat ik het als tussendoortje op deze strontvervelende dag toch maar eens over html in reacties hebben, zodat ik een typelistje kan maken met een link naar deze log. (Tja, met 100% van de stemmen moet ik nu toch zeker wel? … )
Okee. Op deze weblog kun je html beperkt gebruiken in reacties, dat wil zeggen: voor links en voor tekstopmaak.
Voor links:
<a href=”http://linkurl”/>Naam die je de link wilt geven</a>
Altijd http:// voor de linkurl zetten. Als je de link geen naam wilt geven kun je natuurlijk de url herhalen.
Voor tekstopmaak:
Cursief: <em>Cursieve tekst</em>
Vetgedrukt: <strong>Vetgedrukte tekst</strong>
De muziek kruipt in mijn buik als een kleine vlinder, brandschoon uit zijn cocon. Alle herinneringen komen terug in mijn hoofd, en elke keer komt daar iets nieuws bij. De goede en de slechte tijden. Relatief heb ik er nog maar zo weinig. Als ik mijn ogen sluit gaat er een verdovende gloed door me heen. En nu ik het besef voelen de tranen warm onder mijn blik. Alles was ooit fout ging. Alles waarover spijt prikt in mijn armen, benen maar vooral mijn hart. Alles wat wel goed ging en waar nu een gemis tintelt. De warmte van de muziek omhult me. Niets is ooit voller dan de klanken en vermengde emoties. Zoals vroeger had het moeten blijven en dat kon nooit. Het komt nooit meer terug en alles wat wel komt, daarover bestaat angst. Het is zo onbekend. Maar één ding zal altijd blijven. En dat is het compromis van klanken die nooit meer mooier kunnen.
Het wordt vakantie. Dat wil zeggen: ik ga op vakantie. Eerst één weekje naar Frankrijk, morgen vertrek ik. Dan ben ik drie dagen terug, voor ik weer wegga: twee weken naar Slovenië.
Op Silhouetten in de Schemering zal dus voorlopig niet veel gebeuren. Ik wens jullie ook allemaal een leuke vakantie toe, in de tijd dat ik weg ben!
Na een hoop gepruts om die vreselijke reclamebalk te doen verdwijnen kan ik eindelijk (voldaan) verder met het échte weblogbeheer: het plaatsen van een nieuwe log ;)
Het volgende:
Dit oerwoud heet jasmijn en de bewoners heten doodgewoon: mijnheer en mevrouw huismus.
En zelfs een tweede paar mijnheer en mevrouw huismus(zoekplaatje) ;)
De moeiste weg van dieze werlt lupt in ’t zuiden dor ’n veld ’t jonge blaad, kiek hoe ’t dreit als de wind wat harder weit als d’n ierste lange lentedaag giet ligge in ’t graas, en d’n ierste lange slok op ’n terras neave de Maas en de wolke en de heuvels weare berge, en alles wat nog mot dat duj ik merge.
De moeiste weg van dieze werlt lupt in t zuiden dor ’n veld ‘asperges vers, iederen daag’ stong op ’t bord wat ik net zaag, straks dan brukt ’t zand, straks dan guft de grond meej ’n geschenk woaran ik denk met water in de mond.
De moeiste weg van dieze werlt lupt in ’t zuiden dor ’n veld de berkeboem, ’t velt ok ni mei, verbleekt wat beej de paarsen hei, an de horizon de schieve schouw din allang gen wolk mier rakt, d’r woent nog stieds dezelfden opa din dezelfde grapjes makt en ’t heuj dat mot nar binne vurdat ’t reagent, in t café doar wuurdt `t huwelijk ingezeagend.
De moeiste weg van dieze werlt lupt in t zuiden dor ’n veld ’t kronkelpaad, langs ’t station, woar oeit ’n lange reis begon de beum ze weare groet ik kan de kerk hast neet mier zeen en d’r zinge doezend vogels en ze halde zich neet in, ik zuj ze gear vur dit concert wille beloene heer in ’t boeteland, in Limburg blieve woene
Straks dan giet ’t loos, straks dan is ’t fiest, en van al dat denke an straks geniet ik nog t miest…
De woestijn waarover ik uitkijk ligt er vredig bij. Ik hoop dat hij straks in een echte wildernis verandert.
Want ik wil snelheid en zien dat het meer net niet naar binnen spoelt.
Als het roer straks van mij is, zullen we eens zien. Genoa, de grootste fok, heeft mijn voorkeur om mee te varen. Van mij mag het precies zacht genoeg waaien voor haar.
Het meer is nu leeg en liefst zou ik direct uitvaren. Helaas willen er nog mensen slapen. En dat terwijl het oosten steeds mooier wordt. Ik gok althans dat het het oosten is. Er komt zoveel licht vandaan dat de zon daar wel móet staan.