Pass die pen dan: onze taal
Misschien kan ik hier beter even mee wachten. Maar als de DaVinci Bode is verschenen, komt hij terug!
Misschien kan ik hier beter even mee wachten. Maar als de DaVinci Bode is verschenen, komt hij terug!
All around me are familiar faces
Worn out places, worn out faces
Bright and early for their daily races
Going nowhere, going nowhere
Their tears are filling up their glasses
No expression, no expression
Hide my head I want to drown my sorrow
No tomorrow, no tomorrow
And I find it kinda funny
I find it kinda sad
The dreams in which I’m dying
Are the best I’ve ever had
I find it hard to tell you
I find it hard to take
When people run in circles
It’s a very, very mad world
Mad world
Children waiting for the day they feel good
Happy Birthday, Happy Birthday
Made to feel the way that every child should
Sit and listen, sit and listen
Went to school and I was very nervous
No one knew me, no one knew me
Hello teacher tell me what’s my lesson
Look right through me, look right through me
And I find it kinda funny
I find it kinda sad
The dreams in which I’m dying
Are the best I’ve ever had
I find it hard to tell you
I find it hard to take
When people run in circles
It’s a very, very mad world
Mad world
Enlarge your world
Mad world
(Gary Jules)
Jullie zullen denken: wat is er ouderwets?
Niets in negatieve zin. Ik heb gewoon ouderwets genoten en lol gemaakt.
Jullie zullen denken: wat schrijft ze opeens anders dan anders.
Juist. Gewoon weer ouderwets. De overenthousiaste Esra die zich even helemaal niet over iets esthetisch of wat dan ook bekommert. Dat kan morgen wel weer, of overmorgen, als ik wil.
Jullie zullen denken: wat is er in ’s hemelsnaam gebeurd?
Heel simpel: ik ben op de kermis geweest in Nijmegen en ik heb de aller-, aller-, allergrootste lol gehad sinds tijden. Hoewel ik toch al behoorlijk melig was de afgelopen weken. En ik wil me gewoon weer even de Esra voelen die de zwarte kant van het leven nog niet kende. Kleurtjes!
Ik wil praten maar.
Ik heb geen idee wat ik zou moeten zeggen of hoe ik alles niet alleen maar erger maak.
Het spijt me.
En ik weet dat ik enkel een slap excuus heb, ik ben ook maar een mens en zoiets als ‘errare humanum est’
maar ik heb nooit anders dan mijn best gedaan.

De herfst groeit alweer en appels. Ik ruik de taart die ervan werd gebakken. Heb ik het soms gemist?
Misschien wel. Ik vraag me af waarom de natuur alle mooie dingen terug laat keren, in tegenstelling tot mijn leven.
Maar laat ik blij zijn met wat wel terug wil keren: de seizoenen. De natuur. Want ik ging vergeten dat zij er ook bij hoorde. Ik heb het verboden.

Verveeld strijkt mijn vinger over mijn oorschelp. Hij voelt de contouren van een roos. Ik zie het voor me: een dieprode bloem met perfect gekrulde bladeren.
Twee oren heb ik, twee rozen. En niet voor niets: liefde is dubbel.
‘Zij waren op. Hun bladeren streken langs mij heen, in uitverkochte handen.
De mensenmassa wiegde op het geluid van de doorns en snerpend. Ik luisterde en hoorde hoe moeilijk de kleine gezichten waren. Vol hartstocht en verdriet.
Zo ging het onbedoelde protest aan mij voorbij, anders dan hoe ik wankelend volgde maar stabiel in de straten als de maan in haar baan.
En dat, om een onnodig feestvieren in het zachte donker van de nacht, die uiteindelijk alles wat een mens nodig had graag omsloot. In duisternis.’
Ik ga slapen. Ieder mens kan dit niet oplossen, dus wat maakt het nog uit.
Altijd was ik moe geweest. Altijd was ik mij geweest.
Vaak boos of geïrriteerd of kwaad. Soms verdrietig. Soms juist toch nog vrolijk.
Altijd was ik Esra of Sarah die zichzelf van ergernis kon opeten tot aan haar tenen. Totdat dat gevoel wegspoelde. Onbekend werd. Maar nu, vandaag, was het weer terug en kwamen mijn tenen weer in zicht en nog veel meer dan dat. Ik vraag me af wat er zich nu zoal in mijn maag bevindt.
Ik was altijd niet zó overspoeld met radeloze vlammen, woede over alles en iedereen.
Dan heb ik het gevoel dat ik misschien,
ooit,
één van al die lichtpuntjes zal zijn.
In herinnering van de Aarde.
Soms kun je denken aan
bedden en banken
en hoe je daar op kon vallen om –
Om jezelf geen pijn te doen,
waarschijnlijk.
Want anders was je wel op de ijskoude vloer
geknald
en had je daar gesmeekt rustig mee te mogen
naar het echte leven:
Dood.
En nu zie je het plafond en denk je
hoe warm het naderhand was
en hoe moeilijk het is
langzaam terug te vallen op de kille tegels.
Je smeekt iemand om je – alsjeblieft –
weer op te tillen
voor hij tanden moet gaan rapen.
Of botten.
I’ve been walking around all day,
Thinking
I think I have a problem,
I think I think too much
I’ve been taught to hold back my tears,
And avoid them
But you make pain into something I could touch
I’ve been walking around all day,
Laughing
I think I’d be better off without you here
And I bet you’re sweet and hard to get over
So I’ll cry and people will stop and stare
Now that’s okay,
Let them stop and stare
Cause I am fragile,
I am hopeless,
I’m not perfect,
But I am free
I’ve been walking around all day,
Waiting
And waiting is all I seem to do
Cause I never get it unless I’m fed it
But this time i’ll just have to
Yeah this time i’ll just have to
And I’m fragile,
I am hopeless,
I’m not perfect,
But I am free
Say you’re not around, am I finished?
If you’re not around, thats too bad
Hope you’re safe and sound, not alone now
Cause you know I believe in you
I’m still fragile,
I’m still hopeless,
I’m not perfect,
But I am free
And I’m fragile,
I am hopeless,
I’m not perfect,
But I am free
(Maria Mena)